Zitting van Gecoro van woensdag 24 juni 2026 om 19:30.

 

Aanwezig:

Johan Bally - voorzitter

Dries Dams, Gerard De Bonte, Nadine Leten, Hans Goovaerts, John Maes, Christel Verdonck, Katia Smits en Frans Martens - effectieve leden

Chris Cornelis, Filip Bauwens, René Goris, Karl Van Kerkhoven en Patrick Garmyn - plaatsvervangende leden

Astrid Verbert, Dirk Verbruggen en Guido Wittocx -  waarnemers

Liesbeth Luyckx - secretaris

Verontschuldigd:

Christel Engelen - schepen

Caroline Arts en Gert Vets - plaatsvervangende leden

Kurt Stabel -  waarnemer

Afwezig:

Clark Peeters en Aileen Houbrechts - plaatsvervangende leden

 

De zitting wordt om  geopend.

Overzicht punten

Zitting van Gecoro van woensdag 24 juni 2026

 

 

1. Notulen vorige vergadering - goedkeuring

 

Omschrijving:

De Gecoro keurt de notulen van de vorige vergadering goed.

 

Motivering:

Relevante voorgeschiedenis, feiten en context:

De Gecoro vergaderde op 13 april 2026 en 10 juni 2026.

 

Juridisch kader:

Het huishoudelijk reglement van de Gecoro zoals goedgekeurd door de gemeenteraad van 19 januari 2026

De secretaris stelt de notulen van de vergaderingen op en draagt zorg voor het bijhouden ervan.

Als eerste punt worden de notulen van de vorige vergadering bij stemming goedgekeurd.

 

Bespreking:

Verslag 13 april 2026: nog enkele opmerkingen doorgekregen om meer duiding te geven bij project Pertendonckstraat 18 - dit werd aangepast

Verslag 10 juni 2026: plaatsvervangend voorzitter aan te duiden (zie varia)

Verslagen kunnen worden goedgekeurd.

 

Bijlagen:

Notulen zoals opgesteld door de secretaris van de Gecoro

 

Besluit:

Enig artikel

De Gecoro keurt de notulen van de vorige vergadering goed.

Publicatiedatum: 17/09/2026
Overzicht punten

Zitting van Gecoro van woensdag 24 juni 2026

 

 

2. Lopende projecten - stand van zaken - toelichting en bespreking

 

Omschrijving:

De Gecoro neemt kennis van de lopende projecten.

 

Motivering:

Juridische kader:

Art. 1.3.3. §2. van de Vlaamse codex ruimtelijke ordening van 15 mei 2009

Naast de opdrachten die de gemeentelijke commissie voor ruimtelijke ordening heeft ingevolge deze codex, kan ze advies geven, opmerkingen maken of voorstellen doen over alle aangelegenheden met betrekking tot de gemeentelijke ruimtelijke ordening, op eigen initiatief of op verzoek van het college van burgemeester en schepenen of de gemeenteraad.

De Gecoro kan zelf initiatieven nemen en op eigen kracht advies kan uitbrengen, bijvoorbeeld over vergunningsaanvragen.

 

Bespreking:

 

1) Woonontwikkeling Pater Domstraat:

Er werd op 7 oktober 2025 een omgevingsvergunning aangevraagd voor het bouwen van 17 eengezinswoningen in een autoluw woonerf op een binnengebied bereikbaar langs de Pater Domstraat in Broechem. De site bevindt zich vlak naast het woonzorgcentrum Czagani. Het openbaar onderzoek liep van 21 november 2025 tot en met 20 december 2025. Er werden tijdens het openbaar onderzoek 8 bezwaarschriften ingediend. Ook de Gecoro verleende een advies.

 

Hoewel de hele site eigendom blijft van de VME en ook door de VME zal onderhouden worden, zou de groenzone semi-openbaar worden. Voor de bewoners van Czagani, maar ook voor de andere buurtbewoners betekent dit een groene rustplek op korte afstand.

Hoewel de mobiliteitsstudie niet erg uitgebreid is, wordt er toch verwacht dat het extra aantal verkeersbewegingen vrij groot zal zijn. Veel gezinnen hebben immers meerdere auto's en zijn dikwijls ook afhankelijk van de auto om naar het werk, winkel, hobby, etc. te gaan. Ook lijken 25 parkeerplaatsen dan te weinig - veel gezinnen hebben immers 2 auto's.

Dat de voorziene parkeerplaatsen niet onmiddellijk aan de woningen gelegen zijn, is voor een deel van de Gecoroleden niet onmiddellijk een probleem, maar iedereen is het er wel over eens dat de parkeerproblematiek niet mag worden doorgeschoven naar het openbaar domein of de rest van de buurt. Op het eigen terrein moeten voldoende parkeerplaatsen worden ingericht, desnoods moet dit ondergronds (hoewel dit de kostprijs sterk zal doen stijgen).

De Gecoroleden geven wel aan dat het voorzien van een groenzone positief is, hoewel de oppervlakte van de groenzone in verhouding niet erg groot is. Het is wel wenselijk dat het openbaar karakter zeker kan behouden blijven.

De woningdichtheid voor dit project bedraagt 23,5 woningen/ha, waardoor deze binnen de richtwaarde van maximum 25 woningen/ha blijft.

De voorziene woningen zijn kleine woningen met erg kleine private tuinen (10 meter diep). De woning die naast de inrit gelegen is krijgt vlak naast de zijgevel alle verkeersbewegingen te slikken. Daardoor is het mogelijk dat de woonkwaliteit binnen deze woning en het project in het algemeen minder goed zal zijn.

Wel positief is dat er een overeenkomst is opgemaakt met de sociale huisvestingsmaatschappij De Voorkempen dat 4 van de woningen zouden worden overgedragen om sociaal te verhuren. Op die manier kan de gemeente het aantal sociale woningen in de gemeente verhogen en bijdragen aan het BSO (= bindend sociaal objectief).

De ingetekende infiltratievoorzieningen (voornamelijk gelegen binnen de groenzone) voldoen volgens het dossier aan de gewestelijke verordening hemelwater, zoals wettelijk vereist.

Er worden bijkomend nog enkele vragen gesteld over de bijdrage die de ontwikkelaar zou moeten betalen voor de aanleg van de straat en de riolering. De straat wordt immers momenteel heraangelegd op kosten van de gemeente. Er werd door de gemeente wel een nieuw belastingsreglement opgemaakt voor wanneer het bouwpotentieel van een terrein verhoogt bij het verlenen van een omgevingsvergunning. Op die manier zullen ontwikkelaars mee betalen aan de (onderhouds)kosten van het openbaar domein. In het ontwerp van de Pater Domstraat is al rekening gehouden met de toekomstige opritten en aansluitingen op de nutsleidingen.

De Gecoro besliste op 24 november 2025 een advies te formuleren binnen het openbaar onderzoek: "De parkeerdruk (2 parkeerplaatsen/woongelegenheid) moet op het eigen terrein worden opgevangen, desnoods ondergronds."

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft de vergunning op 3 februari 2026 verleend onder volgende speciale voorwaarden (naast de standaard voorwaarden):

-          De verhardingsgraad moet beperkt blijven tot het ingediende plan. Er mogen geen bijkomende verhardingen of (bij)gebouwen worden voorzien.

-          Voor de ‘aanpasbare’ woningen (B2, B3, C3, C4, C6 op het plan) moeten de gelijkvloerse verdiepingen drempelloos worden uitgevoerd en met voldoende brede deuropeningen (minstens 90 cm breed).

-          Langs de trage weg wordt ter hoogte van de boomgaard een zitbank geplaatst.

 

Wat betreft de parkeerdruk worden de opmerkingen op volgende manier weerlegd:

"Er zijn grote gezamenlijke fietsenstallingen voorzien aan de woningen en twee parkeerclusters aan de straatzijde: de ene heeft 17 parkeerplaatsen, de andere heeft 8 parkeerplaatsen. Dit zorgt voor een verhouding van 1,5 parkeerplaatsen/woongelegenheid. In de dorpskern, met openbaar vervoer en alle voorzieningen op korte afstand, lijkt dit voldoende te zijn. Volgens Statbel was het autobezit in Ranst in 2024 1,32 wagens/huishouden. De locatie van de parkeerclusters zorgt er voor dat de zone rondom de woningen autoluw kan worden ingericht. Dit vormt een meerwaarde in het project door een verhoogde woonkwaliteit in de autoluwe omgeving. De fietsen staan op korte afstand van de woningen wat het fietsgebruik zal stimuleren en het wagenbezit verminderen."

 

Ondertussen werd door de buurtbewoners een beroep ingesteld bij de deputatie van de provincie Antwerpen met het voorstel het aantal parkeerplaatsen te verhogen en de interne circulatie aan te passen.

Het college van burgemeester en schepenen heeft in haar bijkomend advies gesteld dat een verhoging van het aantal parkeerplaatsen vergunbaar is, maar om het woonerf autoluw te houden wordt het voorstel van de interne circulatie niet gevolgd.

 

De beslissing moet nog worden genomen door de deputatie van de provincie Antwerpen.

Het verslag van de POA (provinciale omgevingsambtenaar) is voorwaardelijk gunstig. Hij vraagt wel de gemeenteraad samen te roepen voor de zaak der wegen.

-          De gevraagde residentiële functie is kenmerkend voor de omgeving en wordt functioneel inpasbaar geacht.

-          De woningen zijn vrij gangbare, compacte woningen en zijn inpasbaar in de omgeving.

-          Er zijn voldoende voorzieningen in de buurt om hier verder te ontwikkelen.

-          Volgens de cijfers wordt er voorzien in voldoende parkeerplaatsen.

-          Het is niet dienstig om op deze locatie een overaanbod te creëren.

-          Door het voorzien van een boomgaard en het aanleggen van de infiltratiekom met speelelementen krijgt het project een zekere meerwaarde voor de omgeving.

-          De omliggende infrastructuur is voorzien voor het opvangen van de bijkomende verkeersbewegingen.

De discussie blijft bestaan of er voor private wegen al dan niet een gemeenteraadbeslissing nodig is. De Raad heeft hier tegenstrijdige arresten over opgemaakt.

De Gecoro geeft nogmaals aan dat dergelijke private wegenis onduidelijk is en de latere problemen toch dikwijls naar de gemeente worden doorgeschoven. Bij een private wegenis moet het onderhoud echter volledig bij de eigenaars blijven.

 

Ondertussen heeft de aanvrager een nieuwe omgevingsvergunningsaanvraag ingediend met aangepast plan wat betreft het aantal parkeerplaatsen en interne circulatie. Deze procedure (met openbaar onderzoek) moet nog opgestart worden. De aanvrager heeft aangegeven dit dossier te zullen intrekken als er een vergunning wordt bekomen bij de deputatie van de provincie Antwerpen.

 

De Gecoro vraagt om de beslissing via mail te ontvangen zodra deze beschikbaar is.

 

2) LAB-school:

Na de weigering voor de bouw van een nieuwe middelbare school in de Schawijkstraat in Ranst is er een nieuwe locatie in het vizier gekomen. Er is een perceel grond beschikbaar langs de Kromstraat, vlak bij de grens met Wommelgem.

De locatie voor de gebouwen is gelegen in de woonzone volgens het gewestplan, de achterliggende gronden (die zullen gebruikt worden voor de buitenaanleg zoals speelplaats en extra bebossing) zijn gelegen in woonuitbreidingsgebied volgens het gewestplan en het RUP 'Kromstraat bis'.

Door de ligging aan de gewestweg, met vlakbij een bushalte en goede fietsverbindingen, is deze locatie eigenlijk ideaal.

Het gaat ook over een reeds aangesneden bebouwde omgeving vlak naast een kmo-terrein langs de gewestweg, waardoor geen extra open ruimte wordt ingenomen.

De gebouwen zouden kunnen worden voorzien in de strook woonzone langs de straat; de speelplaats zou echter plaats moeten vinden in het achterliggende woonuitbreidingsgebied.

 

Om te kunnen afwijken van deze gewestplanbestemming, heeft de aanvrager om de organisatie van een projectvergadering gevraagd.

Deze projectvergadering vond plaats op 17 februari 2026.

Tijdens deze projectvergadering werd door de adviesverlenende instanties geoordeeld dat deze inrichting van het woonreservegebied moeilijk kan worden beschouwd als 'werken voor algemeen belang met beperkte impact' waardoor een omgevingsvergunning op basis van artikel 4.4.7 §2 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening moeilijk wordt.

Er werden ook opmerkingen gegeven over de ontsluiting en de parkeergelegenheid.

De waterloop blijkt niet onder beheer van de provinciale Dienst Integraal Waterbeleid te vallen maar onder VMM.

 

De initiatiefnemer is bezig met het aanpassen van het ontwerp zodat enkel de woonzone dient te worden gebruikt, zowel voor de gebouwen als de buitenruimte.

Voldoende parkeerplaatsen moeten op het eigen terrein worden voorzien. Er was ooit de intentie om de grond aan de overkant van de straat te gebruiken voor fietsenstalling en/of parkeerplaatsen maar momenteel is nog niet duidelijk of dat nog het geval is.

Deze wijziging hoeft niet noodzakelijk te betekenen dat er geen (gemeentelijk) park kan worden voorzien binnen het woonreservegebied, maar dat is dan niet meer in relatie met de school. Voorlopig blijft de landbouwfunctie op de achterliggende gronden gewoon behouden. Het is nog niet duidelijk of de gemeente deze gronden zal overkopen.

 

De omgevingsvergunning zal binnenkort worden aangevraagd. De procedure (met openbaar onderzoek) zal daarna snel volgen.

 

3) WORG 2.0:

Op 19 juli 2024 heeft de Vlaamse Regering 'Beggelbeek' in Emblem en 'Dillelaan' in Broechem definitief aangeduid als watergevoelig openruimtegebied (WORG).

Momenteel wil het departement Omgeving verder aan de slag met een nieuwe ronde (WORG 2.0) om de afbakeningen, de beschrijvingen en de toelichtingsfiches om de voorlopige aanduidingen van 27 gebieden als WORG door de Vlaamse Regering verder voor te bereiden.

In Ranst werd hiervoor Het Laar (tussen Laarstraat, Dullaard en Donkereweg) geselecteerd.

 

Op basis van de geformuleerde aandachtspunten in de adviezen over de plan-MER studie zijn ondertussen de voorlopige afbakeningen voor de watergevoelige gebieden (WORG 2.0) met de bijhorende ontwerpen van toelichtingsnota's afgerond. Deze zullen weldra aan de Vlaamse Regering ter goedkeuring voorgelegd worden.

 

Het verdere verloop van de procedure:

-          voorlopige aanduiding door de Vlaamse Regering

-          openbaar onderzoek (waarschijnlijk na de zomervakantie)

-          tijdens dat openbaar onderzoek: adviesvraag aan gemeenteraad en GECORO

 

Tijdens dat openbaar onderzoek worden alle betrokken eigenaars aangeschreven en organiseert de overheid in elke provincie minstens 1 infomarkt.

 

4) Inbreiding Achterstraat Oelegem (Kanaalzone):

Op 10 juni 2026 gaf de Gecoro een ongunstig advies (zie vorige verslag).

De beslissing moet nog genomen worden door het college van burgemeester en schepenen.

 

5) Verkaveling Vaartstraat - Laarstraat (Matexi):

Reeds in 2015 werd een eerste verkavelingsaanvraag ingediend, maar telkens geweigerd door het college van burgemeester en schepenen.

 

Op 28 december 2022 heeft Landmeter Palmers voor Matexi opnieuw een omgevingsvergunning aangevraagd voor een verkaveling op de gronden aan Vaartstraat-Laarstraat-Zakstraat in 2520 Ranst. Ondertussen betreft het al de vierde aanvraag.

Het openbaar onderzoek liep van 18 februari 2023 tot 19 maart 2023 en van 25 maart 2023 tot 23 april 2023. Er werden 168 bezwaarschriften ingediend. Op 4 april 2023 gaf de Gecoro een negatief advies. De vergunning werd op 29 juni 2023 geweigerd door het college van burgemeester en schepenen.

 

Op 29 september 2023 heeft Landmeter Palmers voor Matexi een aangepaste omgevingsvergunning aangevraagd voor de verkaveling van deze gronden.

Het openbaar onderzoek liep van 7 oktober 2023 tot 5 november 2023. Er werden 151 bezwaarschriften ingediend.

De gemeenteraad keurde het rooilijnplan goed op 18 december 2023.

Het college van burgemeester en schepenen heeft een voorwaardelijke vergunning afgeleverd op 8 februari 2024. Er werd een bewonersbrief verspreid om de beslissing te duiden.

Op 26 september 2024 werd in beroep de vergunning voorwaardelijk verleend door de deputatie van de provincie Antwerpen, op basis van een licht gewijzigde projectinhoud.

De verkavelingsvergunning werd op 13 november 2025 door de Raad voor Vergunningsbetwistingen vernietigd en dit voornamelijk omdat er onvoldoende motivering gegeven wordt over:

-          de behoefte van bijkomende woningen

-          de impact van de verhoging van het ruimtelijk rendement

-          de mogelijke toename van de wateroverlast

-          de impact van ophogingen

-          de mogelijke toename van de verkeershinder

-          de verkeersveiligheid

-          de opgelegde voorwaarden

-          het resultaat van de project-mer-screening

Er werd in het omgevingsloket een nieuwe projectinhoudversies opgeladen op 23 februari 2026, met een licht aangepast rooilijnplan. Een parkeercluster wordt hierin verschoven zodat het paalt aan het openbaar domein en niet gesitueerd is achter de bestaande tuinzones.

Er werd een openbaar onderzoek gehouden van 13 maart 2026 tot en met 11 april 2026. Er werden 459 bezwaarschriften ingediend.

Op 10 maart 2026 riep de deputatie van de provincie Antwerpen de gemeenteraad op om een nieuwe beslissing te nemen over het stratentracé binnen de 60 dagen. Dit werd door de gemeenteraad niet goedgekeurd.

 

Er worden collectieve bovengrondse fietsparkings en openbare fietsbeugels voorzien. Geclusterd parkeren is voorzien voor de eengezinswoningen (in carports) en bezoekers (open parkeerplaatsen).

 

Er worden twee ontsluitingen voorzien die openbaar zijn: via Vaartstraat (breedte 5,85 meter) en via Laarstraat (breedte 16 meter).

Door het aansluiten van de Zakstraat op de nieuwe wegenis, wordt de ontsluiting van de bestaande woningen in de Zakstraat verbeterd.

 

De percelen zijn niet opgenomen in de Biologische Waarderingskaart 2018 en de Natura 2000 Habitatkaart. De percelen palen wel aan het Muizenbos.

In het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan is deze zone aangeduid als prioritair te ontwikkelen binnengebied.

 

De eerder geformuleerde opmerkingen van de Gecoro waren:

-          woningdichtheid zou max. 15 woningen/ha mogen zijn

-          de waterhuishouding (vooral wat betreft regenwater) beter te bestuderen

-          de aansluiting op de riolering is noodzakelijk vooraleer er kan gebouwd worden

-          de ontsluiting langs de Vaartstraat is onvoldoende uitgerust: weg is minder dan 6 meter en komt uit tussen 2 gevels

-          zijn de woningen wel allemaal voldoende bereikbaar bij calamiteiten?

-          is de ophoging van het terrein aanvaardbaar?

-          kunnen de omliggende straten de bijkomende autobewegingen wel aan?

Deze zijn nog steeds relevant.

 

Op 9 december 2025 en op 28 april 2026 gaf het college van burgemeester en schepenen reeds een ongunstig advies aan de deputatie van de provincie Antwerpen.

Dit dossier is van de vorige bestuursperiode waardoor het huidig college van burgemeester en schepenen een andere visie heeft op het dossier.

Het negatief advies van het huidige college van burgemeester en schepenen berust op volgende motieven:

-          onverenigbaarheid met de woonbehoeftenstudie waarbij gebleken is dat het niet nodig is om binnengebieden aan te snijden tot en met 2035

-          afwijkingen van de grootte en gabarit van de woningen met de omgeving die gekenmerkt worden door open of halfopen bebouwing

-          mobiliteitsaspect: Zowel de Laarstraat als de Vaartstraat zijn smalle wegen waardoor de realisatie van 53 bijkomende woningen een grote mobiliteitsdruk realiseren die de leefbaarheid en bewoonbaarheid van de buurt in gedrang brengen.

-          de projectsite is niet gelegen in de kernverdichtingszone zoals beschreven in het gemeentelijk ruimtelijk structuur plan of in de beleidsvisie 'Bouwen in Ranst' waardoor het aantal woonenheden van 53 (of 54) met een dichtheid van meer dan 20 woningen per ha de grens van 15 woningen per ha ruimschoots overstijgt

 

Voor het college van burgemeester en schepenen sluit het project met de 52 voorziene woningen niet aan bij de omgeving met een te doorgedreven verdichting die aan de rand van de dorpskern niet aanvaardbaar is. Tenslotte legt het project een grote mobiliteitsdruk met de realisatie ervan en creëert het een onveilige situatie op het fietspad van de Vaartstraat met de ontsluiting van de projectzone aan de Vaartstraat.

 

Omdat er geen goedgekeurd rooilijnplan is, heeft de deputatie van de provincie Antwerpen de omgevingsvergunning op 7 mei 2026 geweigerd.

 

6) Meergezinswoning Pertendonckstraat 18:

Op 9 februari 2026 werd een omgevingsvergunning aangevraagd voor de bouw van een meergezinswoning met 9 appartementen achter Pertendonckstraat 18 in 2520 Broechem (in de presentatie staat verkeerdelijk dat het om 8 appartementen gaat).

Het openbaar onderzoek liep van 13 maart 2026 tot 11 april 2026. Er werden geen bezwaarschriften ingediend.

 

Het betreffende perceel is gelegen in de woonzone volgens het goedgekeurde gewestplan, in het dorpscentrum van Broechem.

Er werden al eens omgevingsvergunningen aangevraagd voor 8 appartementen in het binnengebied, maar deze dossiers werden geweigerd door het college van burgemeester en schepenen: op 15 december 2022 en op 15 juni 2023. Het laatste dossier werd ook door de deputatie van de provincie Antwerpen geweigerd (21 september 2023).

In het nieuwe voorstel wordt rekening gehouden met de vroegere weigeringsgrond van de gemeente inzake de kroonlijsthoogte. Het nieuwe gebouw wordt uitgevoerd met 2 bouwlagen tot een kroonlijsthoogte van 6,52 meter. Daar bovenop komt nog een tweede verdieping die langs 3 zijden is teruggetrokken binnen het 45° gabariet. Hiermee volgt de nieuwe bebouwing de standaard richtwaarden voor nieuwbouw in de gemeente.

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft zich reeds principieel akkoord verklaard met deze ontwikkeling in het binnengebied omwille van de mogelijkheid tot een zorgfunctie ('intergenerationeel wonen') die zal geïmplementeerd worden in dit project.

Het project sluit goed aan op de doelen van het project 'Wonen in de tijd'.

 

De afstand tot de achterste perceelsgrens is minstens 7,2 meter en de afstanden tot de zijdelingse perceelsgrenzen zijn 8,5 meter langs rechts en minstens 9 meter langs links. Deze afstanden zijn binnen deze context voldoende (45°-regel) om de hinder naar de omliggende percelen (waar enerzijds een supermarkt en een andere dense woonontwikkeling werden vergund) te beperken.

Nog steeds blijft wel de opmerking bestaan dat het binnengebied wordt volgebouwd en dat hierdoor waardevolle groene ruimte in het dorpscentrum verdwijnt.

Er worden 2 bestaande bomen gerooid. Nadien worden wel 4 nieuwe bomen aangeplant.

 

In de ondergrondse parking worden 13 parkeerplaatsen, een ruime fietsenberging en individuele bergingen voorzien. Bezoekers kunnen zich ook parkeren op de reeds bestaande bovengrondse parking.

 

De ligging dichtbij de dorpskern en alle voorzieningen (winkels, scholen, diensten,...) is geschikt om te verdichten - wat ook gevraagd wordt door Vlaanderen.

 

De mobiliteitsimpact lijkt beperkt aangezien de gewestweg momenteel al druk is en er in verhouding maar een beperkt aantal verkeersbewegingen bijkomen. Er zijn voldoende parkeerplaatsen om de parkeerdruk niet af te wentelen op het openbaar domein. Het advies van AWV is gunstig.

 

Er wordt vanuit de vergadering gevraagd om in de vergunning als voorwaarde op te leggen dat het parkje moet gerealiseerd en behouden blijven zoals weergegeven op het plan. Het is niet de bedoeling dat er nog extra bebouwing bij komt in het binnengebied.

 

De vergunning werd op 26 mei 2026 verleend door het college van burgemeester en schepenen, onder de voorwaarde dat het parkje gerealiseerd wordt en behouden blijft zoals weergegeven op het plan.

 

NIEUW:

7) Verkaveling Fransehoeveweg:

Op 13 mei 2026 werd een omgevingsvergunning aangevraagd voor de verkaveling van de grond tussen Kringstraat - De Niel - Fransehoeveweg in 2520 Emblem in 17 loten langs een private weg.

Het openbaar onderzoek moet nog opgestart worden.

Het dossier is momenteel nog niet volledig en ontvankelijk verklaard omdat voor 1 lot een verkavelingswijzigingsprocedure nodig is en het dossier niet op de juiste manier was ingediend. Er is aan de verkavelaar gevraagd om het dossier correct in te dienen.

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft reeds laten weten aan de aanvrager dat ze principieel niet achter dit project staan omdat het aansnijden van open ruimte door nieuwe wegen niet binnen de vernieuwde bouwvisie past.

 

Er worden 17 kavels voor vrijstaande eengezinswoningen voorzien. De projectzone ligt tegen de reeds gerealiseerde verkavelingen van De Niel en Kringstraat. Deze werden destijds als ‘pijpenkop’ vergund en aangelegd zodat deze zouden kunnen worden aangesloten aan elkaar om een lus te vormen en zo een verdere woonontwikkeling toe te laten. Op dat moment was dat niet uitvoerbaar omdat de gronden nog in landbouwgebruik waren - ze zijn evenwel gelegen in de woonzone volgens het goedgekeurde gewestplan.

 

Om het aantal vervoersbewegingen in de bestaande straten De Niel en Kringstraat niet te verhogen, wordt de nieuwe straat nu voorzien als een nieuwe doodlopende straat vertrekkende vanuit de Fransehoeveweg. Er is enkel een verbinding met De Niel en Kringstraat voorzien via een trage verbinding.

Dergelijke ‘pijpenkoppen’ zijn eigenlijk niet (meer) wenselijk: ze kunnen problemen geven bij calamiteiten of wegenwerken omdat er geen alternatieve ‘uitgang’ is. Het is dan ook aangewezen om minstens 1 extra aansluiting voor autoverkeer te maken naar de bestaande straten. Die bewoners zullen daar echter liever niet van weten.

Bovendien is Franshoeveweg ook een straat die weinig extra verkeersbewegingen toelaat. Het is een zeer smalle straat die niet is uitgerust op een groot aantal bijkomende verkeersbewegingen.

 

De aanvrager wil de nieuwe straat ontwikkelen met 17 bijkomende eengezinswoningen. In de omgeving staan enkel vrijstaande bebouwingen. Er worden in de nieuwe ontwikeling dan ook enkel vrijstaande bebouwingen voorzien – eventueel wel te koppelen met carports. Op die manier sluit de ontwikkeling aan bij de omgeving.

 

Verdichting op deze plaats is echter niet persé nodig: het gaat om een korrel woongebied binnen het openruimtegebied en bovendien aan de rand ervan. De afstand tot de dorpskernen van zowel Emblem als Broechem is ruim een kilometer. Deze ontwikkeling in de ‘open ruimte’ strookt niet met de Vlaamse doelstellingen rond de bouwshift / ontharding. Het toenemend ruimtebeslag moet immers tegen 2025 halveren t.o.v. 2015 en volledig stilvallen tegen 2050. Het bijkomend aansnijden van de open ruimte - ook al zijn de percelen volgens het gewestplan ingekleurd als woonzone - is op deze locatie niet wenselijk.

 

Op het grootste deel van de collectieve wegenis en groene buitenruimte zal een publiekrechtelijke erfdienstbaarheid van doorgang worden gevestigd. Deze zone krijgt een publiek karakter, maar het onderhoud is ten laste van de eigenaars (VME).

Overeenkomstig het arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen van 5 december 2024, nr. Rvvb-A-2425-0265 moet er aan twee criteria voldaan zijn opdat er sprake is van een gemeenteweg waarvoor de gemeenteraad bevoegd is, nl. de aan te leggen weg moet een “openbare weg” zijn en die openbare weg moet “onder het rechtstreekse en onmiddellijke beheer van de gemeente” vallen. Aangezien aan het laatste niet voldaan is, valt de voorziene wegenis- en padenstructuur binnen het project niet onder de definitie van een gemeenteweg waardoor de realisatie ervan niet tot de zaak der wegen behoort en het de gemeenteraad niet toekomt om zich erover uit te spreken. De beslissing over de verkavelingsaanvraag kan in principe genomen worden zonder gemeenteraadsbeslissing. Het voorzien van private wegen wordt tegenwoordig door wel meer ontwikkelaars gebruikt om een gemeenteraadsbeslissing te kunnen voorkomen.

 

Afvalophaling, postbedeling, aanleg van nutsaansluitingen zijn wel terechte bedenkingen in het ontwerp. Het is niet duidelijk of dat allemaal collectief georganiseerd wordt in het project of dat de wegenis wel een openbaar karakter krijgt.

 

Ook de verharde doorsteken naar De Niel en Kringstraat moeten worden beschouwd als trage wegen met openbaar karakter omdat deze niet enkel kunnen/zullen gebruikt worden door de eigenaars van de nieuwe verkaveling en hun bezoekers. Het is niet wenselijk dat deze kunnen worden afgesloten op initiatief van de VME. Om die reden lijkt een rooilijnplan en een gemeenteraadsbeslissing toch aanbevolen.

 

8) Werkgroep trage wegen:

Op 24 maart 2026 was er een participatiemoment over de trage wegen met burgers. Vanuit de gemeente waren de diensten Openbare Werken en Mobiliteit aanwezig.

Nadien volgt nog een participatiemoment met bestuur en administratie.

Regionaal Landschap De Voorkempen voert deze opdracht uit en zal een verslag opmaken en doorsturen. Alle vragen en opmerkingen van die overleggen zullen daarin verwerkt worden.

Het verslag is nog niet beschikbaar.

Er wordt gevraagd of tijdens volgende vergadering (september) de bevindingen kunnen worden toegelicht.

 

NIEUW:

9) GRUP De Keer:

In 1997 legde de Vlaamse regering de nieuwe krijtlijnen voor het ruimtelijk beleid vast in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen. Eén aspect van dat plan betrof de ruimtelijke noden voor de industrie: er zouden nog 7.000 ha extra bedrijventerreinen nodig zijn. 

In 2004 liet de regering met het ENA (het Economisch Netwerk Albertkanaal) voor die nieuwe industriezones een oogje vallen op een aantal overblijvende open gebieden langsheen het Albertkanaal, tussen Antwerpen en Hasselt. Ook De Keer werd toen uitgekozen als mogelijke ‘zoekzone’ voor bedrijven.

In 2006 besliste de Vlaamse Regering tot de opmaak van drie grote studies:

-          een Ruimtelijk Veiligheidsrapport dat o.m. bestudeert waar in het ENA eventueel gevaarlijke Seveso-bedrijven kunnen gevestigd worden

-          een plan-MER voor het volledige ENA-gebied (van Antwerpen tot Hasselt).

-          een plan-MER specifiek voor het gebied “De Keer” (het gebied Wommelgem-Ranst).

In maart 2008 vond de “kennisgeving van het plan-MER” voor het hele ENA plaats, wat betekent dat de bevolking opmerkingen mocht indienen over het opzet van dat plan, voornamelijk over welke effecten en gegevens zeker moeten worden opgenomen in het onderzoek.
Een apart onderdeel was een specifiek plan-MER voor het ENA-deelgebied Wommelgem-Ranst (= De Keer).

In het kader van dit plan-MER en de kennisgeving organiseerde de overheid in april een infovergadering in “Den Boomgaard” (Ranst). De ca. 500 aanwezigen kregen informatie en konden vragen stellen over de onderzoeken die als basis zullen dienen voor de Vlaamse regering om te beslissen over het bedrijventerrein op De Keer en de precieze invulling (ligging, grootte, ontsluiting,…).

In maart 2010 liet de Vlaamse administratie weten dat de plannen voor minstens anderhalf jaar werden opgeschort. De regering wilde eerst oplossingen voor de mobiliteitsproblemen vinden. Er werden twee bijkomende onderzoeken opgestart: één voor een tweede spoorontsluiting en één voor de E313.

In 2012 kwam dan de inspraakperiode voor het nieuwe geplande dubbele plan-MER over de nieuwe spoorlijn voor de Antwerpse haven én over de verbreding van de E313. Die vierde rijstrook komt er sowieso, daarbovenop wordt ook een vijfde nu al voorzien, maar die is dan enkel bedoeld voor het ENA op De Keer.

Op 17 juli 2015 keurde de Vlaamse regering de “conceptnota” goed over het hele ENA; die beslissing legt de voornemens vast voor alle industriezones langs het kanaal, van Antwerpen tot Hasselt. Voor het ENA op De Keer blijft de zoekzone behouden.

Op 18 december 2020, weer na een lange stilte, zette de regering het sein onverwachts op groen om de planningsprocessen rond het gebiedsprogramma Wommelgem-Ranst verder te zetten, door de beslissing het ENA in te kapselen in een “complex dossier” gaande van Oosterweel tot en met het knooppunt E313/E34. Het gaat om het verdere vervolg voor drie samenhangende sporen, met name mobiliteit (E313/E34 tussen het knooppunt Antwerpen Oost en de verkeerswisselaar in Ranst), economie (het herstructureren van bestaande bedrijventerreinen en het creëren van aanvullende ruimte voor bedrijvigheid, tegemoetkomend aan de noden in de regio) en Groenpool Antwerpen.

 

De aanleiding voor de opdracht tot het opmaken van een ruimtelijk-economische strategie voor de bedrijventerreinen in Wommelgem en Ranst kadert binnen de ambitie om de bedrijventerreinen die binnen het ENA gesitueerd zijn op de meest optimale wijze in te richten en te exploiteren. Tegen de achtergrond van een toenemende druk op de beschikbare ruimte en steeds complexere multidisciplinaire afwegingen gebeurt dit in toenemende mate op een geïntegreerde manier, onder de vorm van gebiedsprogramma’s.

In deze studie (Gebiedsprogramma Wommelgem-Ranst) worden de volgende bedrijventerreinen en hun rechtstreekse omgeving bestudeerd: de cluster Wommelgem-Noord aan weerszijden van de E313-E34 met Doornaard, Kapelleveld, Uilenbaan en Jacobsveld, Hoge Keer in Wijnegem en Ter Straten in Ranst. Er wordt gezocht naar een toekomstgerichte invulling voor deze bedrijventerreinen. Er werd een uitgebreide analyse uitgevoerd die dieper ingaat op aspecten rond planningscontext, schaal en korrel, mobiliteit, eigendomsstructuur, economische samenstelling / economisch profiel, ruimtelijke context (open ruimte en kernen), klimaat, groenblauwe ruimten, kansen voor energie, enz.

De focus bij de herontwikkeling van deze bedrijventerreinen moet liggen op:

-          ontharding en vergroening

-          intensivering bestaand ruimtegebruik

-          vasthouden en valideren van de grotere schaal

-          niet-verweefbaar programma

-          mobiliteit en ontsluiting – gesloten mobiliteitssysteem

-          transformatie van onderuit

-          leesbaarheid en structuur

-          piloot in de energietransitie (E-hubs)

-          hoogwaardige werkomgeving

 

Op 13 juli 2022 stelde Agentschap Innoveren en Ondernemen de terugkoppeling voor over het economische spoor over het gebiedsprogramma Wommelgem/Ranst.

Hoewel de gemeentebesturen op zich weinig bezwaar hebben tegen de optimalisatie van de bestaande bedrijventerreinen, werd toen reeds de opmerking gemaakt dat deze optimalisatie geen automatische opstap mag zijn naar de aansnijding van de open ruimte. Ook blijft de ongerustheid over het “gesloten systeem” ter ontsluiting van de verschillende bedrijventerreinen; het is onduidelijk hoe het er in de praktijk zal uitzien en hoe het zal kunnen werken.

 

Het gemeentebestuur van Ranst is nooit vragende partij is geweest voor de herstructurering van de bedrijventerreinen, enkel voor een betere ontsluiting. De herstructurering wordt ook niet beschouwd als een prioritaire ruimtelijke ingreep voor de gemeente.

 

De doelstelling van het GRUP is de zoekzone Lage Keer ontwikkelen tot een volwaardig nieuw bedrijventerrein. Het startoverleg voor deze RUP-procedure vond plaats op 29 april 2026.

Het gaat om de ontwikkeling van minimum 140 ha bijkomend bedrijventerrein binnen de zoekzone (ca. 200 ha). Deze ontwikkeling zou een versterking, vernieuwing en verduurzaming van het Vlaams economisch weefsel betekenen. De nieuwe ontwikkelingen zullen qua energie en duurzaamheid ook veel randvoorwaarden meekrijgen waardoor het om een voorbeeldontwikkeling kan gaan.

 

Het Agentschap Innoveren en Ondernemen verwacht groei van bedrijvigheid en de Antwerpse haven, gecombineerd met een modal shift. Daardoor zal de behoefte naar terminalcapaciteit en logistieke terreinen drastisch stijgen vanaf 2030. Omdat men verwacht dat de haven niet meer groot genoeg zal zijn is er uitbreiding noodzakelijk langs het Albertkanaal, bijvoorbeeld voor overslagbedrijven.

Opmerking: recent werd nochtans de beslissing genomen dat:

1) de havenuitbreiding in Doel niet meer noodzakelijk is en dat de onteigende gronden opnieuw kunnen vrijgegeven en/of gebruikt worden voor andere ontwikkelingen.

2) het sluizencomplex van Wijnegem momenteel niet wordt uitgebreid met een bijkomende sluis.

Het lijkt dan ook logisch om bijkomende havenbehoefte te voorzien op de reeds beschikbare gronden nabij de haven en niet op ongerepte gronden, op grotere afstand van de haven.

 

De mogelijkheden tot ontwikkeling zullen erg afhankelijk zijn van de sporen mobiliteit en open ruimte, maar daar is nog lang geen duidelijkheid. Het lijkt dan ook wat voorbarig om nu al verschillende scenario’s voor de invulling van het gebied op te bouwen en voor te stellen. Een economische ontwikkeling op deze locatie betekent hoe dan ook een grote toename van het vrachtverkeer, waarvoor de plaatselijke wegen momenteel niet zijn uitgerust. Het mobiliteitsprobleem in de regio is nu al erg groot. Het “gesloten verkeerssysteem” is een absolute noodzaak, maar momenteel is het erg onduidelijk of dit haalbaar en doeltreffend zal zijn met de huidige technologie.

 

Zoals de zone er momenteel landschappelijk uitziet en maar zeer beperkt ontsloten is, lijkt deze helemaal niet compatibel met een grootschalige economische ontwikkeling. Een economische ontwikkeling in dit gebied zal een onomkeerbare impact hebben op de vegetatie en de fauna en brengt de natuurwaarden in het gedrang. Binnen de zoekzone bevinden zich meerdere biologisch waardevolle gebieden.

In het nieuwe tijdperk van toenemende klimaatproblemen, de problematische stikstofuitstoot, de nood aan rust en natuur, verdient “De Keer” een nuttiger rol in een nieuwe toekomst. Ondertussen zijn de hele samenleving én alle overheden (lokaal, regionaal, federaal, Europees, wereldschaal) zich ten volle bewust van de klimaatproblematiek en daarmee samenhangend de noodzaak van maatregelen, onder meer de betonstop (nu bouwshift) waarbij het belang van de open ruimte wordt benadrukt.

De Keer, bijna volledig gelegen op het grondgebied van Ranst, is als 300 ha grote open ruimte en groene long vlakbij Antwerpen bijzonder waardevol. Bijkomend bevindt de zoekzone zich in het verlengde van de Schijnvallei, dewelke een groene vinger vormt tussen het buitengebied en de rand van de stad Antwerpen. De rust, de vergezichten, de natuur worden sterk gewaardeerd, niet alleen door de bewoners en omwonenden maar al evenzeer door fietsende of wandelende bezoekers. Een deel van De Keer herbergt ook overstromingsgevoelige stukken en bronnen, die van groot belang zijn voor de waterhuishouding. De open ruimte zorgt ook voor een belangrijk aandeel in de grondwateraanvulling. Die waarden moeten behouden blijven. In een steeds meer verstedelijkt gebied is open ruimte van levensbelang, ook voor inwoners van de stad en de rand. Heel wat andere activiteiten kunnen een nieuwe toekomst voor De Keer vormen: kleinschalige economie en landbouw met korteketenverkoop, toerisme, wandel-themaroutes, kinderboerderij, passieve recreatie,…

​De aangekondigde uitvoering van “Groenpool Antwerpen” (weliswaar zonder concrete timing) belooft de aanleg van nieuwe natuur en versterking van de bestaande natuur, maar dan wel rónd i.p.v. óp De Keer – deels ter compensatie van bv. onteigende landbouwpercelen. In plaats van te vernietigen en elders te compenseren laat men beter de open ruimte op De Keer intact en versterkt men dáár de aanwezige natuur. 

 

​Een argument waar de regering mee schermt is: hier komen watergebonden bedrijven (gericht op het Albertkanaal) met meer transport over het water (modal shift). Maar het belang van dat argument is erg relatief , want slechts ca. 25 ha van de 200 ha bedrijventerrein (1/8) paalt rechtstreeks aan het Albertkanaal. De bestaande kmo-zones Hoge Keer en Ter Straten met bedrijven die aan het kanaal grenzen bewijst trouwens het tegendeel: met goede wil zijn er slechts drie te vinden die “watergebonden” activiteit vertonen. In de praktijk zal de watergebondenheid dus zeer beperkt blijven.

​

​De Keer is volgens het goedgekeurde gewestplan in hoofdzaak agrarisch gebied (77%). Er zullen heel wat mensen en bedrijven worden getroffen. De Keer is momenteel immers niet “leeg”: in het gebied wonen meer dan 100 gezinnen. Ook zijn er nog verschillende jonge landbouwers met toekomstperspectief actief. Deze zullen moeten worden onteigend om de bedrijfsontwikkeling te kunnen realiseren. De kosten hiervoor zullen erg hoog oplopen en daardoor de ontwikkeling onrealistisch maken.

​

Een economische ontwikkeling op deze locatie betekent bovendien een aanzienlijke visuele impact en mogelijke risico's (Seveso-bedrijven) op korte afstanden van omliggende woongebieden (ca. 200 meter tot de woonzones van Oelegem-centrum, ca. 1.500 meter tot de woonzone van Ranst-centrum, ca. 1.000 meter tot de woonzones van Schilde en Wijnegem).

 

Er lijkt op dit moment ook geen maatschappelijk draagvlak voor dit project te bestaan. De lokale gemeenschappen werden tot hiertoe zeer weinig betrokken. Er is al een actiegroep “Red de Keer” actief.

 

Het gemeentebestuur heeft ernstige bezwaren tegen de geplande nieuwe ontwikkelingen via het GRUP “De Keer” en merkt op ze nooit vragende partij is geweest voor de herstructurering van de bedrijventerreinen, enkel voor een betere ontsluiting en een verduurzaming. Voor de ontwikkeling van de zoekzone Lage Keer – momenteel een waardevol openruimtegebied – is de gemeente Ranst ook nooit vragende partij geweest.

 

Het is pijnlijk als gemeentebesturen samen met hun burgers maatregelen treffen in het kader van het lokaal klimaatplan en het burgemeestersconvenant door zo veel mogelijk te ontharden, waarvan de resultaten voor een groot deel zouden tenietgedaan worden door de komst van een grote industriezone.

 

vooropgestelde tijdlijn:

-          Startnota en procesnota: eind 2026

-          publieke raadpleging eind 2026 - begin 2027

 

De getroffen gemeentebesturen (Ranst, Wommelgem, Wijnegem) zullen een open brief richten aan de minister en departement Omgeving met hun opmerkingen.

 

NIEUW:

10) Q8 gesloten systeem:

Het doel van dit project is om het toekomstig bedrijventerrein Lage Keer en daarenboven maximaal de reeds bestaande bedrijventerreinen te Wommelgem (Doornaard, Kapelleveld, Uilenbaan en Jacobsveld), Hoge Keer en Ter Straten te ontsluiten via een gesloten verkeerssysteem.

De implementatie van het gesloten verkeerssysteem is een voorwaarde om nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen binnen het gebiedsprogramma mogelijk te maken (zie ook GRUP 'De Keer').

 

Het bestemmings-vrachtverkeer naar de bedrijventerreinen zal in de toekomst enkel via een nieuwe aantakking op de E313 t.h.v. de dienstenzone op het gesloten verkeerssysteem kunnen aansluiten. Personenwagens kunnen ook gebruik maken van dit nieuw aansluitingscomplex enkel indien zij een bestemming hebben op één van de bedrijventerreinen.

Het gesloten karakter van dit systeem wijst op het doel om het gemotoriseerd verkeer van en naar de bedrijventerreinen maximaal te scheiden van het dorpenverkeer. Hierdoor kunnen de dorpskernen van Wommelgem en Oelegem maximaal ontlast worden. Deze voorwaarde geldt zeer strikt voor vrachtverkeer. Voor personenwagens wordt echter een opening gelaten zodat de bereikbaarheid van de bedrijven en kernen gewaarborgd blijft.

 

De opzet van dit project is de uitwerking van een concreet, duidelijk en ruimtelijk realiseerbaar concept van het gesloten verkeerssysteem.

Binnen het voorkeursscenario wordt gekozen voor een gefilterd systeem. Dit type systeem is gesloten voor het vrachtverkeer, maar voorziet ‘openingen’ d.m.v. filters, digitaal (ANPR-camera) of fysiek (hoogtebeperking, paaltjes,..), ten behoeve van het dorpenverkeer, al dan niet met een bestemming in het projectgebied. Dorpenverkeer wordt gezien als personenwagens die een verbinding maken tussen de omliggende kernen. Voor vrachtverkeer zijn deze extra toegangsmogelijkheden niet wenselijk. Met andere woorden, het vrachtverkeer kan enkel het gebied in- en uitrijden via het aansluitingscomplex (ASC) t.h.v. de dienstenzone indien ze een bestemming in het projectgebied hebben. Het dorpenverkeer en bewoners die in het gebied werken kunnen via meerdere toegangswegen het projectgebied betreden als ze hier een bestemming hebben. In een strikt gesloten systeem zou dit ook gelden voor personenwagens en is het volledige gebied enkel toegankelijk via het ASC. Om deze beperkingen bij een strikt gesloten systeem te omzeilen en dorpenverkeer mogelijk te maken is extra infrastructuur nodig (bv. ANPR camera's). Hier zijn dan ook bijkomende kosten aan verbonden.

 

Het is dus nog af te wachten of en wanneer de concrete uitwerking en realisatie van dit project zal doorgaan. Zolang de ontwikkeling van de Lage Keer niet ingepland staat (en dit kan pas na goedkeuring van het RUP 'De Keer') is het de vraag of de realisatie van het gesloten systeem de kost waard is.

 

NIEUW:

11) Fietsostrade Wommelgem-Ranst:

De fietssnelweg F107 Antwerpen-Ranst (ook wel bekend als fietsostrade F107) is een fietssnelweg die het Ringfietspad (FR10) in Borgerhout via Deurne-Zuid, Wommelgem en Ranst met het Albertkanaal zal verbinden. Daar zal hij aansluiten op fietssnelweg F5. De F107 volgt grotendeels het traject van autosnelweg E34/E313.

De fietsostrade F107 is momenteel al befietsbaar vanaf de FR10 tot het rondpunt in Wommelgem. Het vervolgtraject tussen R11 en F5 moet nog bepaald worden. Als vervolg op de haalbaarheidsstudie uitgevoerd door Lantis werd in april 2026 een startnota uitgewerkt.

 

De Keerbrug staat momenteel onder verscherpt toezicht omwille van de slechte toestand. De brug is daarom momenteel afgesloten voor gemotoriseerd verkeer. Het afsluiten van de brug heeft een impact op het (lokaal) gemotoriseerd dat dient om te rijden. Dat heeft zowel een impact op de omwonenden alsook op de aanwezige landbouwbedrijven en in het bijzonder Boomkwekerij Peers bvba. Boomkwekerij Peers (ca. 50 leveringen per dag in het hoogseizoen, ca. 5 leveringen tijdens het laagseizoen).

 

Een (nieuwe) (fiets)brug is bedoeld om de F107 ergens over de E34/E313 te krijgen. De juiste positie moet nog bepaald worden. Men tracht een optimale positie te zoeken in het gebied tussen de Wijnegembaan en het Zevenbergbos; tussen de geplande ontwikkelingen van de Nieuwe Rand en met een ecologische meerwaarde voor het gebied.

De fietsinfrastructuur wordt zoveel mogelijk gebundeld met de E313. De ruimte tussen de snelweg en de fietssnelweg behoort tot de landschappelijke inpassing van het project.

Langs de noordzijde van de E313 bevindt zich een leidingenstrook die doorloopt over een lange afstand parallel met de snelweg. Iedere optie voor de brug moet hiermee rekening houden.

 

John Maes werd gevraagd om advies te geven vanuit Natuurpunt. Door de ligging van het Muizenbos moet de fietssnelweg tijdig aan de overkant van de autosnelweg geraken. Deze (fiets)brug komt volgens de huidige studies best ter hoogte van de gronden waar nu elk jaar de motocross doorgaat.

 

De projectstuurgroep staat unaniem achter scenario 3b uit de startnota als uit te werken voorkeursscenario: hiermee wordt de verbeterde fietsverbinding ‘Oost’ gerealiseerd door de aanleg van de F107. Er dient dan een lokale aansluiting tussen de Wijnegembaan en de F107 voorzien te worden.

Voor gemotoriseerd verkeer blijft de situatie gelijk aan die van vandaag dus met een knip ter hoogte van de E313. Uit het onderzoek blijkt dat de brug enkel nodig is voor de ontsluiting van kwekerij Peers. Alleen daarvoor een volwaardige brug herbouwen is maatschappelijk niet verantwoord. Voor de ontsluiting van kwekerij Peers dient een alternatief verder uitgewerkt te worden.

 

Na goedkeuring van de startnota wordt door Agentschap Wegen en Verkeer de omgevingsvergunningsaanvraag voorbereid voor de afbraak van de brug. Momenteel is het dossier nog niet ingediend.

Bij de uitvoering dient er rekening mee gehouden dat de verkeershinder gedurende de werken over het volledige tracé zoveel mogelijk moet worden beperkt.

 

Besluit:

Enig artikel:

De Gecoro neemt kennis van de lopende projecten.

Publicatiedatum: 17/09/2026
Overzicht punten

Zitting van Gecoro van woensdag 24 juni 2026

 

 

3. Varia - kennisname

 

Omschrijving:

De Gecoro neemt kennis van de variapunten

 

Motivering:

1) Plaatsvervanger voorzitter:

Bij afwezigheid van de voorzitter (zoals vorige vergadering op 10 juni 2026) is het noodzakelijk dat er op voorhand geweten is wie de voorzitter kan/moet vervangen.

Deze moet eigenlijk ook worden goedgekeurd door de gemeenteraad, dit kan ten vroegste in september 2026.

Kandidaten mogen zich voor 1 augustus 2026 bekend maken aan de secretaris Liesbeth.

 

2) Vormingen vrijwilligers:

Er worden verschillende vormingen ingericht voor de gemeentelijke vrijwilligers op enkele datums in november (17-19-23-25 november 2026).

De onderwerpen en inschrijvingsmogelijkheden zullen nog worden gecommuniceerd.

 

3) Datum volgende vergadering:

De vergaderingen gaan steeds door in de vergaderzalen van Van den Nestlaan 110 in 2520 Broechem.

De volgende vergadering vindt plaats op 14 september 2026.

Tijdens die vergadering zullen de volgende datums worden vastgelegd:november - februari - april - juni). Best brengt iedereen zijn/haar agenda mee op 14 september.

 

4) Oude Vaartstraat 32:

Het gaat om een nieuwe woonontwikkeling rond 'Hofke van Stuyck'. Er is een nieuw openbaar onderzoek lopende (tot 4 juli 2026).

Na de weigering door het college van burgemeester en schepenen is er een beroepsprocedure lopende bij de deputatie van de provincie Antwerpen. Er was een nieuw openbaar onderzoek nodig omdat het aantal loten verminderd is van 18 naar 14 en de parkeerplaatsen langs de zijkanten verschoven zijn naar de parkeercluster (20 plaatsen) op het terrein zelf.

Het college van burgemeester en schepenen moet nog een advies geven. Het advies van Erfgoed Voorkempen was al ongunstig omwille van de aantasting van het historische landgoed.

 

5) Nieuwe Maasweg:

De verkeersdoorstroming door de Vaartstraat is momenteel erg hoog - zeker met alle wegenwerken in de omgeving. De nieuwe Maasweg had hier een oplossing kunnen bieden maar de uitvoering is niet meer realistisch.

De omgevingsvergunning voor de nieuwe weg – inclusief het gemeenteraadsbesluit over de rooilijnen – is immers vernietigd. Het bestuur is zeker op korte termijn niet meer van plan om het dossier terug op gang te trekken wegens de commotie errond en de beperkte budgetten.

De subsidies waar de gemeente had op gerekend voor de aanleg vervallen onherroepelijk tegen september 2026.

Voorlopig gaan we er dus van uit dat de weg er inderdaad niet komt.

 

Besluit:

Enig artikel:

variapunten

Publicatiedatum: 17/09/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.